Belijdenis...
Ga met God: Hij heeft je aangenomen
voor altijd en voor eeuwig als Zijn kind;
daar kan geen hel of duivel tussen komen;
in elke strijd is Christus het, Die wint!
Kijk niet meer achterom; je zwarte zonden
zijn wit gewassen zin Zijn rode bloed;
kijk slechts vooruit, want zij, die Christus vonden
gaan, sterk in Hem, de toekomst tegemoet.
En wanhoop niet, als je Hem hebt verlaten:
ook Petrus liet zijn Heiland eenzaam staan.
Maar Christus zoekt in stegen en in straten,
Hij dwingt je, om Zijn feestzaal in te gaan.
En wil je, net als Thomas, slechts geloven
wat je met je handen tast, met ogen ziet,
Zijn liefde gaat jouw ongeloof te boven,
gezegend, die gelooft, al ziet hij niet. -
Ga nu met God en hoor de Hei/and bidden
voor jou, die door Zijn kracht werd overmand:
Ik ben niet ver van hen- k’ sta in hun midden,
want niemand rukt de Mijnen uit Mijn hand!

Amen
Nu alleen maar 'Amen' zeggen,
Al is 't met gebroken stem
Dan je hand in Gods hand leggen
En op weg gaan, achter Hem.
Nu alleen maar blijven lopen
In het voetspoor van je Heer;
Blijven strijden, blijven hopen,
Wachtend op Zijn wederkeer.
Nu allen Zijn Woord vertrouwen:
"Altijd zal Ik met je zijn";
Als een kind je handen vouwen,
Zijn getuige willen zijn.
Al je twijfel af te leggen
En alleen maar 'Amen' zeggen.

Overgave
Als 't hart in stil vertrouwen
zich aan U overgeeft:
op U alleen durft bouwen,
geen ander houvast heeft:
Dan daalt een diepe rust
en vrede in het hart...
Zo het U kiest en kust
in vreugde en in smart.
Dan leert het 'amen' zeggen,
op wat Gij spreekt en doet;
zich in Uw handen leggen,
staamlend: Heere 't is goed...
Dan zal zelfs onder 't kruis
ook in een weg van lijden,
gaande naar 't Vaderhuis
't hart zich in U verblijden.
Reiny Neven - Oskam, Leen mij een lied, pag. 12

Belijdenis
Nu heb je 'ja' gezegd en je geloof beleden,
En schuchter leg je nu je hand in Jezus' hand.
Hij houdt je vast, Hij heeft voor je gebeden;
Alleen door Zijn gebed houdt jouw belijden stand.
Je zult je vele malen om je zonden schamen
En vele malen denken: God is er niet meer. -
Maar Jezus waakt. - Hij brengt Zijn schapen samen
En roept ze bij hun namen, telkens weer.
Want Hij is in Zijn lijden zelfs door God verlaten
opdat wij nimmermeer verlaten zouden zijn.
Hij werd gesmaad door mensen die Hem bitter haatten
opdat Hij ons genezen zou van onze pijn.
Het handschrift onzer zonden is aan 't kruis geslagen
waaraan de Heiland ook voor jou Zijn leven gaf.
Nu wordt je vrijgesproken in die dag der dagen,
Want Jezus lééft. - Hij is verrezen uit Zijn graf!
Geen macht ter wereld kan ons van Zijn liefde scheiden:
Geen honger of verdrukking, geen gevaar of pijn;
Hij ging ons in Zijns Vaders huis een plaats bereiden:
Want waar de Meester is, zal ook de dienaar zijn!
Nel Benschop, Gouddraad uit vlas, pag. 37

Belijdenis
Stil aarzelt
tijd onder
gotiek gespannen
lijnen en
geeft geloven
de adem van
gestameld ja
dan glijdt
als zegenend
gebaar
Gods zon
over gebogen
hoofden en
wordt in
Woord
Zijn liefde
eeuwig waar.
Cecil Hellerman, Wachten op morgen, pag. 27

Ga naar | Documentatie |