Themadienst 4 maart 2007

Thema: ‘Ruis in je leven...??’
Dorpskerk IJsselmuiden - 17.00 uur
Ds. J. van Doorn - 't Harde

Wanneer ik het goed heb begrepen kennen jullie die drieslag (ellende, verlossing en dankbaarheid) nu wel. Jullie willen nu wel eens leven vanuit de dankbaarheid…

Anderen willen het hebben over de uitverkiezing en waarom de één als christen en de ander als moslim is geboren…. En wat is een christen nu meer dan een moslim?

Er zijn er ook die een moslim willen overtuigen dat het christendom: je van het is …

En tenslotte zit er onder jullie ook iemand die met zijn talenten geen raad weet.

En of de ds. maar even wil antwoorden …. !!!!
Nou eerlijk gezegd …. Ik hoor nogal wat .. RUIS !!
Ruis die er volgens mij is omdat de verbinding met God niet helemaal goed is …
En om die ruis weg te nemen gaat het zondag: Over jouw.
En: over de plek die God al dan niet in jouw leven inneemt.

Want wil je de ruis op de verbinding met God kwijt raken ? –dat is vaak vooral een kwestie van: tijd maken en ‘prioriteiten’ stellen (= wat is in jou leven nou eigenlijk het belangrijkst?).

Je zou alvast Lukas 10:25-42 kunnen lezen !

Tot zondag,
Ds. J van Doorn
't Harde

__________________________

Lukas 10: 25-42 (HSV)

De barmhartige Samaritaan

25 En zie, een wetgeleerde stond op om Hem te verzoeken, en zei: Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven?
26 En Hij zei tegen hem: Wat staat er in de Wet geschreven? En hoe leest u dat?
27 Hij antwoordde en zei: U zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw kracht en met heel uw verstand, ven uw naaste als uzelf.
28 Hij zei tegen hem: U hebt juist geantwoord. Doe dat en u zult leven.
29 Maar hij wilde zichzelf rechtvaardigen en zei tegen Jezus: Wie is mijn naaste?
30 Jezus antwoordde en zei: Een man daalde af van Jeruzalem naar Jericho en viel in de handen van rovers, die hem beroofden, hem daarbij sloegen en bij hun vertrek halfdood lieten liggen.
31 Toevallig daalde een priester langs diezelfde weg af, en toen hij hem zag, ging hij aan de overkant voorbij.
32 Evenzo ging ook een Leviet, toen hij op die plek kwam en hem zag, aan de overkant voorbij.
33 Maar een Samaritaan die op reis was, kwam in zijn buurt, en toen hij hem zag, werd hij met innerlijke ontferming bewogen.
34 En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden en goot er olie en wijn op. Hij tilde hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem.
35 En toen hij de volgende dag wegging, haalde hij twee penningen tevoorschijn, en hij gaf ze aan de waard en zei tegen hem: Zorg voor hem, en wat u verder aan kosten maakt, zal ik u geven als ik terugkom.
36 Wie van deze drie denkt u dat de naaste geweest is van hem die in handen van de rovers gevallen was?
37 En hij zei: Degene die hem barmhartigheid bewezen heeft. Jezus zei tegen hem: Ga heen en doet u evenzo.

Maria en Martha
38 Het gebeurde, toen zij onderweg waren, dat Hij in een dorp kwam. En een vrouw die Martha heette, ontving Hem in haar huis.
39 En zij had een zuster die Maria heette, die ook aan de voeten van Jezus zat en naar Zijn woord luisterde.
40 Maar Martha was druk bezig met bedienen. Nadat zij erbij was komen staan, zei zij: Heere, trekt U het Zich niet aan dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg toch tegen haar dat zij mij helpt.
41 Jezus antwoordde en zei tegen haar: Martha, Martha, u bent bezorgd en maakt u druk over veel dingen.
42 Slechts één ding is nodig. Maria heeft het goede deel uitgekozen, dat niet van haar zal worden afgenomen.