Lezing ds. G.D. Kamphuis uit Amstelveen, voorzitter Gereformeerde Bond
over: Samen op Weg - procesBroeders en zusters,
Het is spannend en onrustig in de kerk. In het land, maar ook in vele plaatselijke gemeenten. De spanning in de kerk wijst echter niet naar op een opleving. Niets wijst op een stilte voor de storm, de storm van de Heilige Geest. Het is veelmeer een vreemde spanning. Zal de kerk waar u en ik toe behoren, zal deze kerk bij elkaar blijven? Of leven we niet alleen in de schaduw van kerkvereniging maar ook in de schaduw van een nieuwe breuk? Dat zijn grote vragen waar we samen mee worstelen. Kan dat bijbels gesproken dat een kerk scheurt?
Daarom is het mijn vurig gebed dat de Heere Zelf hier vanavond aanwezig zal zijn door Zijn Woord en Geest. Ik hoop vurig dat we ervoor bewaard worden dat de boze in ons midden zal zijn. Dat vraagt een biddend en een vastend hart. Want Jezus Zelf zegt dat het geslacht van de boze niet uitvaart dan door vasten en bidden. Laat alle vlese-lijk-heid vanavond verre van ons zijn doordat de geestelijke insteek van zachte teerheid en vreze des Heeren overheerst. De kerk is van groot belang. Zij staat in dient van Christus, van de Heilige Geest. Meer, zij is het lichaam van Christus en de tempel van de Heilige Geest. Daarom maken we ons samen ook druk om de kerk, om Gods kerk. We zijn samen getuigen van een speciaal moment in de kerkgeschiedenis. De samenvoeging van drie kerken: de NHK, GKN, ELK. Tenminste dat is het plan.Ik zal beginnen met u een korte schets te geven van de geschiedenis.
A. Geschiedenis
1. Geschiedenis:
Het SoW-proces loopt ondertussen al meer dan 40 jaar. De kerkelijke gescheidenheid, ontstaan na
Afscheiding (1834) en de Doleantie (1886) was hoog opgetrokken. Dat had o.a. te maken met het feit dat de
NHK in feite geen belijdende kerk meer was. Natuurlijk de belijdenissen stonden wel in de Regelementenbundel, maar ze functioneerden niet. Ze waren opgeborgen in feite opgeborgen in de kluis. Als je maar "in geest en hoofdzaak" zoals ze dat toen noemden preekte en geloofde en beleed wat de belijdenis van de kerk leerde. Maar, dat bleek in de praktijk zo ongelofelijk ruim te zijn dat er zelfs werd gedoopt in de naam van geloof, hoop en liefde. Dat het Evangelie van kruis en opstanding volledig werd geloochend. De 19de eeuw was de eeuw van de harde, bittere vrijzinnigheid. Bovendien werd de kerk niet werkelijk geleid door de ambtelijke vergaderingen. De synode en de samenstelling er van werd opgelegd door de koning. En de Synode moest alleen maar besturen en
van geestelijke, ambtelijke leiding was geen sprake.Maar, in 1951 kreeg de Hervormde Kerk een nieuwe kerkorde. Zij werd, na ruim 130 jaar weer een een belijdende kerk waar de ambtelijke vergaderingen functioneerden. In zowel de Nederlandse Hervormde Kerk (NHK) als in de Gereformeerde Kerken in Nederland (GKN) brak een periode van interne rust aan. De gereformeerden hadden twee pijnlijke kerkscheuringen (1926 en 1944) beleefd en richtten nu ook de blik naar buiten. En toen kwam er een oproep tot eenwording. Het was het appél van 'De Achttien' met Pinksteren 1961. Negen hervormde en negen gereformeerde predikanten verklaarden dat "de gescheidenheid van de hervormde en gereformeerde kerken niet langer geduld kan worden". Vanaf dat moment is het proces stapje voor stapje verder gekomen.
De jaartallen geven een u een indruk van het verloop v.h. proces.
1973:
In dat jaar vindt de eerste gezamenlijke synode van de NHK en de GKN plaats. Het doel dat men zich stelt is: de hereniging van de kerken te laten groeien vanuit de plaatselijke gemeenten.
1986:
In dat jaar wordt een "Verklaring van Overeenstemming" aanvaard. En de beide kerken verklaren in dat jaar "in staat van hereniging" te verkeren.
1990:
Vanaf nu gaat ook de Evangelisch Lutherse Kerk in het Koninrkijk der Nederlanden volop meedoen. Dat heeft grote gevolgen voor de kerkorde die wordt ontwikkeld, want ook de lutherse belijdenisgeschriften worden meegenomen. Vanaf nu is er ook geen sprake meer van een combi-synode maar van een trio-synode.
1997:
De Trio-synode aanvaardt in 2de lezing de kerkorde. De hervormde synode neemt echter de kerkorde niet aan. Dat zit vast op de naam. Vele hervormden zoeken naar "hervormd" in de naam. Verenigde Protestantse Kerk in Nederland kon de goedkeuring van de Hervormde Synode niet wegdragen. Ondertussen wordt ook met vaart aan de Ordinanties gewerkt.
2002:
Vorig jaar is ondertussen de kerkorde wel aanvaard. Het protest tegen de naam is verminderd. De naam van de toekomstige kerk luidt nu: "Protestantse Kerk in Nederland" Ook de ordinanties zijn voor 't overgrote deel in 2de lezing vastgesteld. De overigen worden in de loop van dit jaar, 2003, vastgesteld. De kerkorde bevat de belijdende uitgangspunten voor het kerk-zijn, maar ook de ordinanties: de practische uitwerking voor het kerkelijk leven.2. De toekomst
Hoe lang duurt het proces nu nog? Dat kun je nooit precies zeggen. De bedoeling is dat in juni van dit jaar het fusiebesluit in eerste lezing zal worden genomen. Daarover zullen dan de ambtelijke vergaderingen: kerkenraden en classes worden gehoord. En op 12 december van dit jaar moet het finale besluit wordt genomen om tot een fusie van de drie kerken te komen. Dat moet met 2/3 meerderheid in de hervormde synode gebeuren. Dat is een extra ingebouwde zekerheid voor voldoende draagkracht. De fusie kan dan officieel ingaan, echt een feit worden op 1 mei 2004. Vanaf dat moment zijn de drie keren dan gefuseerd tot één kerk. Volgens de regels van het afgesproken kerkrecht zetten de drie afzonderlijke kerken zich dan voort in de Protestantse Kerk in Nederland.
B. De situatie straks
Ik ga nu dieper in op de situatie
1. Leiding:
Nu ondertussen de gang van het SoW-proces veel verwarring brengt in vele gemeenten is het zorg om zorgvuldig leiding te geven binnen de gemeente. En niet te vergeten daarna. De regering van de gemeente berust niet bij een predikant, niet bij enkele ambtsdragers, maar bij de vergadering waar de ambten bijeen zijn. Bijeen voor Gods Aangezicht, biddend om de leiding van de Heilige Geest. Daar zoeken we de eenheid voor Gods gemeente, in gehoorzaamheid aan Gods waarheid. Het luistert voor broeders van de kerkenraad en voor gemeenteleden in deze tijd heel nauw. We zijn allemaal diepgang en een doordachte geest aan het verliezen. We doorzien vaak de uitwerking van onze opmerkingen niet. Juist ambtsbroeders past voorzichtigheid en bescheidenheid, maar niet minder beslistheid en duidelijkheid om in de weg en in de Geest van Christus de gemeente te dienen!2. Belijdende kerk
De kerk zelf legt alle nadruk op het belijdende karakter van de PKN. Enige bron en norm voor de verkondiging is het Woord van God, zegt art. 1.3 Zonder het Woord is er van een kerk geen sprake. Maar, waar het Woord is en waar het verkondigd én geloofd wordt, daar is de kerk. Er zijn ingrijpende bezwaren tegen de voorliggende kerkorde. Maar, enige bron en norm van verkondiging en dienst is het Woord van God! En zo belijdt de kerk: de drieënige God, Vader, Zoon en Heilige Geest. Daar kunnen en mogen en moeten we de kerk aan herinneren.
Deze belijdenis maakt haar tot kerk. Haar belijdenis van de drieënige God.
In art. 1.4 wordt verwoord dat de kerk belijdt "in gemeenschap met de belijdenis van het voorgeslacht". Dat is een formulering waar onze vaderen in 1951 ontzaggelijk veel moeite mee hadden. Natuurlijk ook zij waren er van overtuigd dat "in gemeenschap met" een bijbels gekleurd woord is. Maar, wat zij toen dachten is gebleken, dit woord is opgerekt en heeft in de praktijk ruimte geboden aan allerlei meningen! Bovendien staan in art. 1.4 niet meer alleen de oud-christelijke belijdenissen en de gereformeerde belijdenisgeschriften, maar evenzeer de lutherse: de Augsburgse Confessie en de Catechismus van Luther. Dat zijn nieuwe en vreemde elementen voor ons in de traditie van de NHK. En daar zit spanning. Ik kom daar straks op terug. Maar, zij is wel een belijdende kerk.
En dan komt nog artikel 1.5 waar de kerk de theologische verklaring van Barmen ter sprake brengt. Ze erkent die verklaring voor het belijden in het heden. En ze erkent de betekenis van de Konkordie van Leuenberg voor de voortgaande ontmoeting van lutherse en gereformeerde tradities. Daar ligt nog groter spanning. Ook daar kom ik op terug.3. Plaatselijke situatie
Hoe is het nu ter plaatse straks. Als de kerken besluiten te fuseren wat gebeurt er dan met de plaatselijke gemeenten? Plaatselijk wordt geen gemeente gedwongen om één te worden met de gereformeerde kerk ter
plaatse. Dat is in de ordinanties neergelegd. Binnen de PKN blijven hervormde gemeenten. Dat zijn gemeenten die niet willen fuseren, maar die willen blijven wat ze zijn: hervormd-gereformeerde gemeenten.
Plaatselijke gemeenten brengen daartoe nu al en straks hun byzondere verbondenheid met de gereformeerde belijdenis tot uitdrukking. En staan zo in de kerk staan. En spreken en getuigen op deze wijze in de kerk. Als het om opzicht gaat of om visitatie blijft deze byzondere verbondenheid gerespecteerd..Dat betekent dat uw kerkenraad zelf blijft bepalen wie voorgaat in de diensten, welke liturgie gebruikt gaat worden, welke regeling wordt gebruikt voor de verkiezing van ambtsdragers, hoe het met de bediening van de sacramenten er aan toegaat. Ze besluit geen andere levensverbintenissen te willen zegenen dan van twee mensen die in het huwelijk treden. Meer dan nu valt de nadruk op de plaatselijke gemeente. Dat geeft de ruimte aan voor de hervormde gemeenten.
Maar, anderzijds heeft dit een enorme keerzijde. Er is op het grondvlak plaats voor veel diversiteit en pluralieit: kinderdoop en volwassendoop staan naast elkaar. Aan de ene kant wordt het huwelijk beleden, als Gods inzetting, anderzijds kan de kerkenraad -na beraad in de gemeente- besluiten dat ook andere levensverbintenissen van twee personen als een verbond van liefde en trouw voor Gods aangezicht worden gezegend. Hier wijkt de kerk af van de weg van de Kerk der eeuwen, hier gaat ze in tegen haar eigen belijdenis: de HC en de AC die beiden nadrukkelijk het huwelijk belijden. Hier ontstaan ernstige kortsluitingen. De pluraliteit, de grote verschillen in geloven en belijden worden gewettigd, komen naast elkaar te staan, krijgen gelijke rechten. Daar ligt onze diepe pijn bij dit proces dat we op deze manier niet wilden en niet verlangen.
C. Bezwaren:Hervormd-gereformeerden hebben zich in een lange reeks van jaren verzet tegen wat zich in de grondslag van de kerk en in de andere artikelen van de kerkorde niet verdraagt met de gereformeerde belijdenis. Onafgebroken hebben hervormd-gereformeerden dat duidelijk gemaakt. Ik noem u verschillende bezwaren:
1. Een ernstig bezwaar is dat gereformeerden die ooit de kerk hebben verlaten, inmiddels volstrekt modern zijn geworden zodat ze nu niet de orthodoxie versterken, maar wel de midden-orthodoxie of zelfs de vrijuzinnigheid. Vreselijk is het dat we uit de kerk van Kuyper en Bavinck nu echte ketters als Kuitert en Den Heyer er bij krijgen.
2. In Putten in 1992 werd door het Hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond uitgesproken "we kunnen niet weg en we kunnen niet mee". Dat was een hartenkreet. Zowel het één als het ander kwam voort uit ons kerkelijk principe.
We kunnen niet mee betekende: we kunnen geen kerkorde aanvaarden met niet gereformeerde elementen. Dat was in 1951 ook zo. Toen hebben hervormd gereformeerden, op één na, ook tegen de hervormde kerkorde gestemd. De bezwaren spitsten zich toen toe op de formulering dat de kerk belijdt in gemeenschap met de belijdenis van de vaderen. In gemeenschap met dat bleek een rekbaar begrip, dat wilden vrijzinnigen er per sé in. Dat gaf hen meer ruimte dan "in overeenstemming met de belijdenis van de vaderen". Daarom stemden hervormd gerefromeerden tegen. "Onaanvaardbaar"zeiden ze. Maar, ze bleven. Want, ze wisten zich geroepen.
We kunnen niet weg bedoelde echter geen breuk met de kerk. De door de G.B. toen gedane uitspraken waren vol van emotie vanwege de geschiedenis en de belijdenis van de kerk. We kunnen niet weg van de belijdenis van de kerk, we kunnen ook niet weg van de kerk zelf, het volk in de kerk, de gemeenten binnen de kerk. Helder en duidelijk is bezwaar gemaakt tegen de ongereformeerde elementen in kerkorde en ordinanties. En tegelijk: we blijven op onze post.3. Het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond heeft in 1996 tijdens een bijeenkomst van ambtsdragers
uitgesproken dat we willen blijven staan binnen de kerk en dat we onszelf en de kerk willen houden aan de grondslag van de gereformeerde belijdenis en ons daarom blijven verzetten tegen alles wat met die belijdenis in strijd is. Onze vaderen hebben er voor gestreden, ze zijn gebleven binnen den kerk in moeilijke en spannende tijden. Zij hebben zich beroepen op het verbond van God. Ze deden een biddend en vurig pleidooi op Gods verbond. Tegelijk hebben zij hartstochtelijk de belijdenis van de kerk verdedigd.
In de vaste overtuiging dat een terugkeer naar de verkondiging overeenkomstig Schrift en belijdenis zegen, rijke zegen zou geven voor de kerk. Daarom konden zij en kunnen wij nu de belijdenis van de kerk der eeuwen en de gereformeerde belijdenis, die diep katholiek is, niet opgeven! Daar staan we voor! En wat daar mee in strijd is aanvaarden we niet. Zo stonden en staan we in de NHK van nu. En binnen de bedding van de toekomstige kerk zet de stroom van Gods verbond zich voort. Daarom bidden we om de kracht van Gods Geest om vanuit het Woord als enige bron en norm te spreken, in overeenstemming met de belijdenis van de kerk der eeuwen.4. Op de ongereformeerde elementen in de grondslag ga ik nu dieper in.
a. Jarenlang is er strijd gevoerd over de inhoud en de plaats van de Konkordie van Leuenberg. De bedoeling van de KvL is het gesprek stuimuleren tussen gereformeerden en lutheranen. Ondertussen vertoont deze KvL echter de sporen van de moderne theologie. Als hervormd gereformeerden hebben we er intense bezwaren tegen. Wel staat die KvL niet meer op één lijn met de belijdenisgeschriften, maar staat er nog wel in. De kerk erkent met de KvL. dat de lutherse en gereformeerde tradities door een gemeenschappelijk verstaan van het evangelie bijeenkomen. De plaats van de LK is afgezwakt en zou evengoed kunnen worden weggelaten. Hoe eerder hoe beter. Ze hoort in een kerkorde gewoon niet thuis! Dat geldt ook voor de Barmer Thesen. Ze zijn te zeer gedateerd, verbonden aan een bepaalde tijd, nl. Nazi-Duitsland.
b. Er is voortdurend een hevige discussie over de AC. Dat is een luthers belijdenisgeschrift. Pas in de laatste
jaren is onder hervormd-gereformeerden deze discussie ontstaan. Deze belijdenis bevt elementen die in
de gereformeerde belijdenissen helderder worden verwoord of die niet stroken met de gereformeerde belijdenis
(o.a. op het punt van het Avondmaal). Toch is het een reformatorische belijdenis die teruggaat op Melanchton
en Luther. Er is verschil met de andere, de gereformeerde belijdenissen. Zij vertonen een grotere rijkdom, een
dieper inzicht in de Schrift. De Augustana vertoont de sporen van het zoeken van een compromis met Rome.
De bedoeling was om de Roomse kerk te hervormen, de reformeren van binnen uit. Daarvoor heeft
Melanchton gezocht en gezocht om het conflict niet groter te maken. Maar, u weet hoe 't is afgelopen. De
Reformatoren zijn er uitgezet! Ze werden niet geduld. Niet uitgegaan maar uitgezet.
c. Duidelijk is dat we moeten zeggen dat de kerkbode van de PKN een ernstige verzwakking is ten opzichte van
de kerkorde van 1951. In de grondleggende artikelen is dat duidelijk! De bezwaren zijn ernstig. De lijn met de
Reformatie, de lijn naar de worsteling om kerk en vaderland, komt onder grote druk. De volkskerk
door God in ons land geplant gaat op in de PKN. Hier komen historische lijnen onder druk, de lijn van
Gods trouw en verbond door de geslachten heen. De verbondenheid van kerk en gereformeerde belijdenis.
Dat was ook de reden dat het verzet fel was en is. Daarom heeft de GB uitgesproken dat ons er alles aan
gelegen is om te blijven staan voor een kerk op de grondslag van de gereformeerde belijdenis. We kunnen en
willen niet anders, want we vrezen Gods verbondstrouw te schenden en de Heilige Geest te bedroeven.
Slechts op de Schrift en op de gereformeerde belijdenis kunnen en zullen we de kerk als geheel aanspreken.
En alles wat daarmee in strijd is hopen we te blijven verwerpen!
d. Ook in de uitwerking van de kerkorde, nl. in de ordinanties, zeg maar de regels voor het kerkelijk leven zijn er
meerdere punten van intens bezwaar. Ik noemde al het zegenen van andere relaties dan het huwelijk. Op dat punt kunnen we het gezag van de synode niet erkennen. Dit is een ander schriftverstaan dan dat van de Kerk der eeuwen. Op dit punt ben ik ook zelf, vorig jaar, weer opnieuw door een crisis gegaan. Kan het wel mag het wel? Moeten we niet breken? Omwille van onze hartelijke verbondenheid aan 't Woord van God zeggen we dat de kerk grenzen overgaat die ze niet over kan én mag. Er zijn nu eenmaal dingen in de kerk die je niet kunt regelen, waar je helder en duidelijk hebt te zijn omwille van Gods Woord, Gods verbond, Gods geboden. Anders gezegd: die je niet kunt regelen omdat Gods liefde heilige liefde is. De kerk schijnt er echter steeds minder besef van te hebben dat er om geloofwaardig kerk te zijn keuzen gemaakt moeten worden "die het vreemdelingschap ten opzichte van de wereld bevestigen".e. Ik denk verder aan de gelijkstelling van kinderdoop en volwassendoop. De kerk van de Reformatie heeft op
grond van de eenheid tussen Oud en Nieuw Testament pricipieel voor de kinderdoop gekozen. De doop gaat
bovendien niet uit van de mens, amar van God. Hij is de Eerste! Ik denk aan het feit dat ambtsdragers
gekozen kunnen worden die geen belijdenis hebben gedaan. Nee, natuurlijk dat hoeft niet in uw gemeente,
dat regelt u anders, maar het feit dat het in de Ordinanties staat.f. Hervormd-gereformeerden hebben steeds in grote liefde hun plaats ingenomen in de N.H.K. als historische,
vaderlandse kerk. Zij maken echter een proces door van vervreemding ten aanzien van de nieuwe kerk. Zullen
we nog dezelfde liefde opbrengen als in de Hervormde Kerk zolang het geval was? Dat kan bijna niet.
De wissel die wordt getrokken is uitermate zwaar. Liefde kun je niet zomaar overplaatsen.D. Het Hervormd Comité
Ik citeer letterlijk, daarmee doe ik de broeders van het HC het meest recht. In het persbericht van eind vorig jaar staat: " de PKN zal een nieuwe kerk zijn. De kerk als geloofsgemeenschap belijdt in haar grondleggende artikelen een ander verstaan van de Schrift dan -ondanks alle verval- in de NHK altijd geweest is". In hun uitgangpsunten schrijft men, en ik citeer opnieuw: "De nieuwe SoW-kerk scheidt zich steeds verder af van het Woord van God, en van de belijdenis van de Kerk der eeuwen. Geconstateerd moet worden dat zij dan ook niet langer gezien kan worden als "de rechtmatige voortzetting" van de vaderlandse kerk hier door Gods hand geplant in de dagen van de Reformatie". "De Nederlandse Hervormde Kerk breekt alsdan met haar eigen geschiedenis, belijdenis en identiteit". En de conclusie die wordt getrokken luidt: " dat wij op grond van de verschuldigde gehoorzaamheid aan de Koning van de Kerk de kerkorde met inbegrip van haar ordinanties van de beoogde SoW-kerk niet kunnen aanvaarden". "Vanwege onze gehoorzaamheid aan de Koning van de Kerk kunnen en wensen wij niet meegenomen te worden naar de beoogde SoW-kerk". Tot zover de citaten.Daarom heeft men in Putten opnieuw een dag belegd waar men heeft uitgelegd:
1. niet mee te zullen gaan in het proces. Omdat we eerst een knieval moeten maken voor de
leugen en vervolgens pas de waarheid mogen verdedigen.
2. de nieuwe kerk in hun ogen geen kerk is. De Roomse kerk was één in de valse leer, dus een valse kerk. De kerk van de Reformatie één in de ware leer, dus een ware kerk. Maar de PKN is niet één in de leer. Dus is ze geen kerk.
3. dat men de hervormde kerk denkt voort te zetten vanaf het moment dat de fusie een feit is geworden. Desnoods moet de plaatselijke gemeente er voor gescheurd worden, als de kerkenraad besluit wel op haar post te blijven in de nieuwe kerk. Noodclasses en noodevangelisaties zouden hen die niet mee gaan moeten dienen.
4. het is om des gewetens wil ongeoorloofd met de nieuwe kerk mee te gaan. Er kan niet meer eenduidig gesproken naar de gereformeerde belijdenis. De grondslag is anders. De eed wordt gebroken als men mee zou gaan. Men maakt eerst een knieval voor de leugen.Het is goed dat het Hervormd Comite steeds weer de vinger legt bij de ernstige bezwaren die er tegen er tegen de nieuwe kerk zijn. Tegen de vrijheid van leer is, die overigens ook in onze eigen kerk al nadrukkelijk aanwezig is.
Wel is duidelijk geworden dat het HC een bocht is omgegaan. Steeds heeft men verwoord: We kunnen niet mee! We hebben geen program. We moeten in alle eerlijkheid zeggen dat er wel een program, een route is uitgezet. In het kerkblad van de Veluwe en van Noord-Oost Overijssel las ik: "We zullen dan straks nieuwe classes moeten vormen, we zullen een nieuwe synode moeten vormen, we zullen voor een nieuwe opleiding moeten zorgen". Die geluiden klinken me heel bekend in de oren. Dat waren ook de geluiden van A. Kuyper, de stuwende kracht achter de Doleantie. Het HC zal tot een breuk met de kerk komen wanneer het proces zich voortzet zoals nu de bedoeling is. Dat zal een scheuring betekenen in diverse hervormd-gereformeerde gemeenten. Onze goede God beware ons daarvoor. Een scheuring bedroeft de Geest van God, het lichaam van Christus wordt weer gescheurd.E. Evaluatie
Ik kom tot een evaluatie. Graag zoek ik met u een begaanbare weg in het huidige proces.
1. De pijn
Het raakt je enorm diep, dat je kerk je wordt ontfutseld, je wordt afgenomen. De kerk waarbinnen je bent gedoopt, binnen wier muren het de Heere heeft behaagd Zijn Zoon in je te openbaren, toen je voor God verloren moest gaan!! De kerk waarin je belijdenis deed, tot het ambt bent geroepen. Vurig bidden we voor haar behoud. God mocht een keer ten goede geven, dat zou kunnen ... Maar, hoe moeten we ons opstellen als het proces toch doorgaat? Moeten we onze protesten omsmeden tot acties? De kerk heen laten gaan als het onverhoopt toch doorgaat: Ik heb het vaak gedacht. Totdat ik ontdekte: de schuld van de kerk is ook mijn schuld! Ik kan onder haar schuld niet uit.Ik ben een deel van haar! En het volk in de kerk is mijn volk. Totdat ik vooral de kracht en reikwijdte en de diepte van Gods verbond en trouw ging ontdekken. God vergadert Zijn volk, God draagt Zijn Kerk door de diepte heen. Alle eeuwen door ging de kerk in een gebroken gestalte haar weg door de geschiedenis! Dat is gegeven met het feit dat de Heere in de kerk samenwoont met zondaren. Dat heeft me enorm geholpen, dan kan ik toch niet weg! Dan mag ik niet weg.2. Zondag 21
Ik wil u vragen met zondag 21 van de Heidelberger: "Wat gelooft u van de heilige algemene christelijke kerk?" Het antwoord luidt: "Dat de Zoon van God uit het ganse menselijke geslacht Zich een gemeente, tot het eeuwige leven uitverkoren, door Zijn Geest en Woord in enigheid van het ware geloof, van het begin van de wereld tot aan het einde vergadert, beschermt en onderhoudt en dat ik daarvan een levend ben en eeuwig zal blijven". Om de hoofdzin gaat het: "De Zoon van God vergadert, beschermt en onderhoudt". Deze woorden waren van wezenlijk belang voor de kerkorde van 1951. De NHK is openbaring van het Lichaam van Christus. Hij is het Hoofd, Hij vergadert Zijn gemeente, plaatselijk, landelijk, wereld wijd. De Kerk is des HEEREN. Ze is niet van ons, maar van Hem. Zij wordt vergaderd door Hem. Hij is het Hoofd, het Centrum, de Basis, de Grondslag! Hij vergadert, niet door de belijdenis, maar door Woord en Geest! Een belijdenis is van grote, onschatbare waarde: in eenheid van het ware geloof staat er daarom! Maar, het vergaderende werk van Christus gaat voorop! Hij is de Eerste. Wij vormen niet de kerk. Wij verzamelen ons niet op basis van de belijdenis als grond van de kerk. Dat is veel meer de kerkelijke lijn van denken van de Afgescheidenen. Hun kerk-zijn is gestempeld door het verenigingsdenken. Zij verenigen zich op de grondslag van de belijdenis. De gemeente komt tot stand doordat gelovigen zich onderling aan één sluiten.
Hervormden belijden de Kerk wordt vergaderd. Daarom kijken hervormden niet alleen naar hun belijdenis, maar in de eerste plaats naar de bediening van het Woord en van de sacramenten. Dat zijn de kenmerken van de kerk. Niet de enkeling die belijdt gaat voorop. Nee, de Kerk gaat voorop. Zelfs niet de Kerk gaat voorop. Christus gaat voorop. Over het diepste wezen van de kerk kunnen we alleen denken vanuit Christus. Hij vergadert en bewaart. En zo lang er plaats is voor Zijn heilig Woord, de prediking daarvan heeft men in de hervormde lijn met de kerk niet gebroken. En breken wij ook nu niet. Hoe diep de fusie ons ook an 't hart gaat. Wij hoeven kaf en koren niet te scheiden. We durven niet te breken. We zoeken naar het evenwicht: we worden vergaderd door ons hoofd Christus door Woord en Geest. En vandaaruit hopen we te strijden voor: de eenheid van het ware geloof. Geef me één vierkante meter, midden in de branding, om met het Woord te staan. En het Woord van onze God doet z'n kracht!3. Wilhelmus à Brakel
Misschien mag ik het onderstrepen met een woord van Wilhelmus à Brakel:
"Beschouwt de Kerk van Adam tot Christus, u zult zien, dat de Heere in het merendeel geen behagen kon hebben. In de tijd van Christus was de Joodse kerk verschrikkelijk bedorven, en de gedoopte discipelen vielen bij menigten weer van Hem af, en toonden, dat zij niet waarlijk bekeerd waren geweest. Paulus verklaarde, dat de gemeente van Corinthe vleselijk was. Onder hen kwam hoererij voor. Men ging dronken aan het Heilig Avondmaal. Sommigen van hen hadden de kennis van God niet. Velen loochenden de opstanding... Paulus verklaart van velen in de kerk: Zij zoeken allen het hunne, niet hetgeen van Christus Jezus is. Verder schrijft hij: "Lees de brief van Judas, en Op. 2 en 3, en u zult zien hoe verdorven die kerken waren".
Brakel trekt dan twee conclusies:
a. Deze zaken moeten ons tot waarschuwing dienen, om aan zulke zonden geen deel tehebben.
b. Leren ze ons dat men om de onzuiverheid der kerk niet moet uitlopen, en een andere zuivere
kerk trachten op te richten, waarmee het al tijd, en ook in onze dagen slecht en tot ergernis, en
met een teken van Gods toorn is afgelopen.En hij vraagt dan:
"Wat zullen wij van de kerk die zo verdorven is oordelen? Zullen wij zeggen, dat zij om haar verdorvenheid niet meer de kerk van Christus is? Zullen we haar verachten zullen wij er uitlopen? Nee, dat is dwaasheid"! Tot zover Brakel.4. 1951 en "de stukken".
Zo hebben onze vaderen in de kerk gestaan. Vol overtuiging stonden ze voor de waarheid van het Woord van God. In diep medelijden met de gebreken van de kerk: in leer en in leven. Zij hebben zich beroepen op Gods verbond, biddend en pleitend op Gods genade! In 1951 hebben onze ouders en voorgangers van de kerkorde gezegd: Onaanvaardbaar! Maar ze zijn wel gebleven. Want ze durfden niet te breken. De kerkorde die was gekomen stelde hen diep teleur. Er bleek ruimte te zijn en te blijven voor allerlei wind van leer. Er was zelfs gekozen om het apostolaat voor het belijden te zetten. Je gaat getuigen voordat je weet wat je zelf belijdt. Onmogelijk, onaanvaardbaar zeiden onze vaderen. Maar, ze bleven. Wat met Gods waarheid in tegenspraak was.hebben ze afgewezren. Daar protesteeerden ze tegen. Ze wilden de kerk "uit haar diepe val" verlossen. Gods roeping bleef, Gods roeping blijft. Waar "de stukken" liggen, de gereformeerde belijdenissen zijn bewaard daar is ook plaats voor hen die op deze manier belijden en in de kerk willen staan. De breuk met Rome kwam toen Luther in de ban werd gedaan en er binnen de kerk van Rome geen plaats meer was voor 't hart van het Evangelie. Het Evangelie van het kruis, van de rechtvaardiging van de goddeloze. Dan is het moment van scheiden daar. Maar, dan is er ook geen plaats meer in de kerk, want zij vervolgt hen die leven en preken naar Gods Woord.5. Gods roeping
Gods roeping blijft om in de kerk te strijden voor Gods waarheid, voor Zijn heilig Evangelie. Nooit heeft leugen of dwaalleer recht op de kerk! De profeten in Israël zijn gebleven, de apostelen in Corinthe. Maar, wat mij altijd 't meest diep treft is wat er op de 1ste Pinksterdag gebeurde. Israël heeft 50 dagen eerder haar grondbelijdenis volkomen van haar kracht beroofd, volkomen ter zijde geplaatst. Toen riep het volk: Wij hebben geen koning dan de keizer! Mert deze uitspraak heeft Israël haar Koning gekruisigd. Haar grondbelijdenis radikaal afgeschaft! En in deze stad en onder dit volk heeft God Zijn Geest uitgezonden met Pinksteren. God schreef Zijn kerk niet af. Laten wij de kerk niet afschrijven, laten wij het volk in de kerk niet afschrijven. Wij hebben een roeping, een roeping van God, voor mensen die dwalen. We verlangen Gods waarheid te verdedigen en te verbreiden! We hunkeren vruchtbaar te mogen zijn in de dienst van de Heere. Ik bid om standvastigheid, om getuige van Gods waarheid te zijn. Ik bid om een geest van zachtmoedigheid om in liefde en zonder bitterheid met elkaar om te gaan. Een geest van verootmoediging om samen onze schuld, onze kerkelijke schuld, onze kerkelijke hoogmoed voor God te zien en te belijden. Op een gegeven moment voor één van de godsdienstgesprekken van Luther liep Melanchton, vriend van Luther, te ijsberen en zei: "Kunnen we nog iets doen?" Toen zei de hervormer: "Vriend, weet je wat jij moet leren? Laat het nu toch eens door een Ander doen".6. Grens
Is er geen grens aan het blijven? Kan er niet een moment komen dat we toch breken? Dat moment breekt aan wanneer de kerk een valse kerk is. Dan zijn de grenzen bereikt. Daar is geen plaats voor de gezonde leer, voor de rechte prediking, voor de zuivere bediening van de sakramenten. Daar worden Gods knechten en kinderen niet meer geduld. Wie naar 't Woord van God willen leven heeft er geen plaats meer. Dan worden ze vervolgd, er uit gezet, gehinderd om in vrijheid het Woord en de sacramenten te bedienen. Zolang de kerk geen valse kerk is, is onze diepste overtuiging, blijven we op onze post, belijden we Gods Naam. Laat het moeilijker worden, wie op z'n God vertrouwt komt nooit beschaamd uit. Nooit.G. Convenant Alblasserdam
Graag wil ik nu nog kort iets zeggen over het convenant van de classis Alblasserdam. Verschillende gemeenten kenden daar grote moeite om binnen de kerk te blijven. Tegelijk konden en wilden ze niet met de kerk breken. Ze zijn er van overtuigd dat nieuwe scheuringen binnen gemeenten voor 't Aangezicht van God niet zijn te verantwoorden. Daarom heeft de classis in overleg met kerkenraden en gemeenten een afspraak gemaakt. En in die afspraak geven de gemeenten aan op welke manier, en onder welke voorwaarden ze hun plaats in de kerk zullen blijven innemen. Niet alleen bezwaarde gemeenten daar zijn er mee geholpen ook in andere gemeenten kan het helpen. Met deze afspraak geven gemeenten aan dat zij zich gebonden aan de HS en aan de gereformeerde belijdenis. Met Gods hulp zullen ze weerspreken en weren alles wat met dit belijden niet overeenstemt. Wat dus in de Augsburgse Confessie, of de C.v.L., of in de KvL of in de Barmer Thesen, of in de ordinanties van de nieuwe kerkorde niet in overeenstemming is met de gereformeerde belijdenis aanvaardt men niet. In feite is het een uitwerking van, een inkleuring van de byzondere verbondenheid aan het gereformeerd belijden zoals de ordinanties daar over spreken.
Dat wordt ook positief en belijdend uitgewerkt rond het ambt, de sacramenten, het huwelijk, de prediking, de ambtsaanvaarding van dienaren van het Woord. Zo willen de gemeenten binnen de kerk die God hier heeft geplant het volk dienen met het heilig Evangelie van de genade Gods! Ik meen dat dit Convenant gemeenten een uitermate goede dienst bewijst. En de kerk heeft 't zover ik dat kan ontdekken positief ontvangen.Tenslotte
Onze goede God moge Zich over Zijn verdeelde en verwarde kerk in ons land ontfermen.
ds. G.D. Kamphuis, Amstelveen
Ga naar | Dossier Samen op Weg |